BRITS in the ARDENNES

Chapters

Chapter 1: Story about the Brits in the Ardennes
Chapter 2: Monty in the Ardennes
Chapter 3: Roadbook
Chapter 4: The Panther at Celles
Chapter 5: Bloedbad van Bande

Elke nacht, gedurende weken, onder volledige radiostilte, brachten de Duitse bevelhebbers 250.000 manschappen, 600 tanks en zware kanonnen en 1900 stuks artillerie in stelling via de weg of het spoor, tussen MONSCHAU en ECHTERNACH. Na meerdere keren uitstel begon op 16 december 44, om 5.30 ’s ochtends, in de koude en de mist, het Duitse offensief over een front van 125 km. Het droeg de codenaam ‘Wacht am Rhein’ en zou de geschiedenis ingaan als ‘De slag om de Ardennen’.

   De inbreng van de Britse troepen zou nooit de omvang van de inspanningen van het Amerikaanse leger benaderen, wat Winston Churchill overigens ruiterlijk toegaf. Toch was de Britse bijdragen, weliswaar beperkt in tijd en aantal manschappen, van grote invloed en niet te verwaarlozen. Dat kwam in grote mate door de stempel die Montgomery drukte op de hele operatie.

Op 20 december 1944 gaf Montgomery aan het 30ste Britse Corps, dat onder Generaal Horrocks opereerde het bevel om Nederland te verlaten en op te trekken naar de gevechtszone in de Ardennen. Vanaf 22 december zouden de 51ste Highland Division, de 53ste  Welsh Division en de Armoured Brigades defensieve stellingen innemen tussen MAASTRICHT en GIVET om elke poging van de Duitse troepen om de Maas over te steken te verijdelen. De 6de Airborne Division, op dat ogenblik op rust in Engeland, kreeg het bevel om zich naar de Ardennen te haasten. Op 3 januari 1945, in de koude en sneeuw, op de as Tellin - Rochefort – Hotton, voerde het 30ste Britse Corps aanvallen uit binnen het kader van het geallieerde tegenoffensief. Daarop namen achtereenvolgens ook de 6de Airborne Division, de 53ste  Welsh Division en de 51ste Highland Division, gesteund door pantsereenheden, deel aan de gevechten. De 43ste Wessex Division werd in reserve gehouden. Op 16 januari waren de doelstellingen bereikt en Montgomery besliste om de eenheden van het 30ste Britse Corps uit de Ardennen weg te trekken en terug te sturen naar Nederland om zich klaar te maken voor het sinds lang geplande offensief richting Duitsland, met oversteek van de Rijn.

16 december 1944
Begin van het Ardennenoffensief. Op een breed front van ca 125 km, tussen MONSCHAU en TRIER, vallen drie Duitse legers (5e en 6e Panzerarmee en het 7e Infanterieleger) de Ardennen binnen. In het Noorden door de 6e SS Panzerarmee van Sep Dietrich, in het Midden door de 5e SS Panzerarmee van Hasso von Manteuffel en in het Zuiden door het 7e Infanterieleger van Brandenberger.

Toen het offensief begon lag Second British Army ten noorden van MAASTRICHT maar HQ van het 30ste British Corps lag in BOXTEL, bezig met de voorbereidingen van Operation Veritable (schoonvegen van het gebied tussen MAAS en RIJN – BATTLE of HURTGENWALD)

17 december 1944
Vijandelijke Fallschirmjäger worden gedropt tussen AKEN en MALMEDY. De vermoedelijke sterkte was ca 1000 man, onder bevel van von der Heydte. Duitse grondtroepen waren toen al in de buurt van MALMEDY en ST.VITH en onderweg naar STAVELOT en VIELSALM, zo’n 30 km vanaf de Belgische grens. In het Zuiden had Brandenberger de rivier de SAUER gepasseerd en ECHTERNACH geïsoleerd. Amerikaanse troepen slaagden erin de flanken te stabiliseren. MONSCHAU in het Noorden werd weer heroverd en troepen in het Zuiden hielden de stelling rondom ECHTERNACH. Het werd duidelijk dat de Duitsers de MAAS wilden oversteken met als uiteindelijk doel: ANTWERPEN. De Britten hadden nog geen bijdrage geleverd aan de gevechten en dit kwam hoofdzakelijk door het meningsverschil tussen Montgomery en de Amerikaanse generaals. De Britten beschouwden het Ardennenoffensief in eerste instantie als een “side-show” Hun focus lag in het Noorden, waar de voorbereidingen voor de Rheinland-battle (Veritable) in volle gang waren. Montgomery zag het potentiële gevaar van het vacuüm tussen de MAAS en de Belgische hoofdstad en bracht op eigen initiatief in hoog tempo het Britse 30e Corps naar dit gebied over. Vanaf dat moment hadden ook de Britten een (klein) aandeel in de Slag om de Ardennen. Nu de Duitsers de Ardennen in tweeën hadden gesneden, was het voor Bradley, die zijn hoofdkwartier in de stad LUXEMBURG had, erg lastig geworden om geregeld contact te houden met het hoofdkwartier gevestigd nabij LUIK. Het eerste en negende Amerikaanse leger (onderdeel van de 12de Legergroep onder bevel van Bradley) werden toegevoegd aan Montgomery’s 21ste Legergroep.

19 december 1944
Mede om deze reden ontnam Eisenhower op de avond van 19 december Bradley het commando over de geallieerde strijdkrachten ten noorden van de Duitse wig. Hij plaatste de troepen onder bevel van Montgomery. Op dat moment waren de Amerikanen er nog steeds niet in geslaagd in het centrale deel van de Ardennen een hecht front te vormen. Ze konden zich slechts beperken tot lokale gevechten.

20 december 1944
Hoewel de Amerikanen redelijk standhielden in het noorden en in het zuiden, kwam dit vooral door moed en vechtlust. De verdediging verliep ongecoördineerd, waardoor het een chaos was. Montgomery bracht daar onmiddellijk verandering in toen hij op 20 december het commando overnam. Hij had zich vanaf het begin van het Duitse offensief voortdurend op de hoogte laten houden van de situatie aan het Amerikaanse front door een aantal verbindingsofficieren die hij dagelijks naar de verschillende Amerikaanse commandoposten zond en die hem iedere avond uitvoerig rapport uitbrachten. Toen hij op 20 december het hoofdkwartier van generaal Courtney Hodges binnenstapte, was hij beter geïnformeerd dan de Amerikaanse generaal zelf. Hij had ook een goed inzicht in de Duitse plannen dankzij het werk van de Britse inlichtingendienst. Zo wist hij dat het 6e Pantserleger de Maas tussen LUIK en NAMEN wilde oversteken en de Amerikanen konden daarom een sterke aanval verwachten ten noordwesten van HOUFALIZE.

Tot de Britse eenheden, die rond Kerstmis 1944, in allerijl positie langs de MAAS betrokken om een mogelijke Duitse doorbraak van de Amerikaanse linies in de Ardennen op te vangen, behoorde ook de Britse 6e Airborne Divisie. Toen de Airborne divisie op 20 december 1944 werd gealarmeerd, bevond zij zich nog in haar kwartieren in Engeland en was zij geheel onvoorbereid. Niemand had gerekend op een inzet van de eenheid en veel manschappen waren in verband met de naderende Kerst met verlof naar huis gestuurd. De troepen werden haastig verzameld en vanaf 22 december ingescheept in de Engelse Kanaalhavens met als bestemming de Belgische kust. De eerste vrachtwagentransporten met onderdelen van de divisie arriveerden op 26 december in de omgeving van CHARLEROI. Op 27 december betrok de divisie stelling langs de Maas tussen Dinant en Givet. Het gevaar van een Duitse doorbraak was op dat moment echter al geweken, het Duitse offensief in de Ardennen was tot staan gebracht. In de daaropvolgende dagen namen de Britten de Amerikaanse linies langs de westelijke punt van het Duitse saillant over. Op 3 januari 1945 volgde het Geallieerde tegenoffensief in het noordelijk deel van de Ardennen. De 6e Airborne kwam daarbij van 3 tot 11 januari 1945 in actie in het gebied tussen MARCHE-en-FAMENNE - ROCHEFORT - BURE. Op de rechterflank van de divisie onderhield het 61e Reconnaissance Regiment - waaraan het 5e Belgische SAS (Special Air Service) was toegevoegd - contact met de Amerikanen. De Airborne Divisie verloor tijdens deze operaties, die plaatsvonden onder barre weersomstandigheden, 124 man aan gesneuvelden. De helft daarvan kwam om het leven in de verbitterde driedaagse strijd om het plaatsje Bure. De 29e Armoured Brigade, die als tankondersteuning aan de divisie was toegevoegd, telde 12 gesneuvelden. Na afloop van de strijd in de Ardennen werd de 6e Airborne Division tijdelijk als infanterie ingezet langs de MAAS in Nederland, in het gebied ten zuiden van VENLO. Pas in de derde week van februari 1945 keerden de Airbornes terug naar Engeland, alwaar zij zich voorbereidden op operatie "Varsity", de grote luchtlandingsoperatie over de Rijn.

De positie van het Britse Leger op deze 20ste en 21ste december waren als volgt: De 53ste Divisie had een sterke positie ingenomen tussen OTTIGNIES en LOUVAIN en wilde deze uitbreiden tot GENAPPE. De 43ste Divisie was gelegerd aan de noordflank van de MAAS bij TONGEREN, HASSELT en BILSEN, eea om een doorbraak van de Duitsers te verhinderen tussen VISE en HUY en de bruggen over de MAAS te beveiligen tussen LUIK en NAMEN (oa bij MARCHE en FAMENNE en ROCHEFORT) De Guard Armoured Division had als taak de Maasbruggen tussen HUY en CHARLEROI te beveiligen.

De geallieerden moesten zo snel mogelijk een sterk en hecht front vormen tussen MARCHE-en-FAMENNE en STAVELOT Hodges had echter geen reservetroepen meer, waardoor hij troepen uit de voorste linie terug naar achteren moest halen om een goed front te kunnen vormen. Zo zou de frontlijn verkort en versterkt worden en zouden divisies vrijkomen voor eventuele tegenaanvallen. Hodges protesteerde echter en Montgomery drong voorlopig niet aan, beseffend dat de Amerikaanse soldaat anders tegen een 'tactische terugtocht' aankeek dan een Brit.  Toen echter de situatie voor de bezetters van het ver vooruitgeschoven 'hoefijzer' van SANKT VITH onhoudbaar werd en de commandant Robert Hasbrouck door Hodges van zijn bevel werd ontheven omdat hij wilde terugtrekken, greep Montgomery in. Hasbrouck werd in zijn commando hersteld en zijn troepen trokken terug.

De Britse rol in het Ardennenoffensief is tweeledig: In december werden Britse troepen in reserve gehouden op plaatsen achter de MAAS om eventueel doorgestoten Duitse troepen op te vangen. In januari werden de Britse troepen actief in de strijd tegen de Duitse opmars en hebben een wezenlijke bijdrage geleverd aan het terugdringen van Duitse troepen. Britse divisies losten in het Midden van de Bulge het 7e US Corps af, dat zich wilde concentreren ten Oosten van de OURTHE, om HOUFALIZE  te ontzetten.

In eerste instantie was het de bedoeling om de vijand de bruggen over de MAAS te laten passeren en ze dan in de flanken aan te vallen maar deze maatregel werd later ingetrokken en was het doel: geen vijandelijke troepen mochten de bruggen over de MAAS passeren.

21 december 1944
De 84ste Infantry Division, waarvan de latere Minister of State Henry Kissinger deel uitmaakte, vertrok op 21 december uit AACHEN en nam stelling in tussen MARCHE en HOTTON. Zo wou men verhinderen dat de 116e Panzer Division de beboste heuvelruggen die de open vlakte van de Famenne beheersen zou oversteken, en daarmee de toegang tot de MAAS. Met het oog op de tegenaanval die bepaald was op 3 januari 45 had de 53ste Welsh Division opdracht gekregen om de eenheden van de Amerikaanse 84ste Infantry Division af te lossen en de voormalige Amerikaanse stellingen in te nemen. Op 4 januari, een koude dag met sneeuwstormen, lanceerden de Welshmen hun aanvallen op de as MARCHE - HOTTON. De beijzelde wegen maakten het voor de pantsers moeilijk om hun troepen te bevoorraden en op efficiënte wijze te ondersteunen. Ze werden sterk vertraagd in hun opmars door het heuvelachtige en beboste terrein, en ook door de kou en de sneeuw. Ze trotseerden Duits artillerievuur, mijnenvelden en wegbarricades van omgehakte bomen. Toch slaagden de Welshmen erin om de dorpen MENIL, WAHARDAY, RENDEUX en GRIMBIEMONT te bevrijden. Na drie dagen en drie nachten van hevige gevechten in de bossen en in de ijzige koude, telde de 53ste Welsh 105 gesneuvelden op het moment dat ze werden afgelost door de Schotten van de 51ste Highland.

Tussen het bergmassief van de Ardennen en de vlakte van de Famenne loopt de weg MARCHE-HOTTON. Deze vormt een soort heuvelrug. Indien de Duitse troepen die hadden kunnen oversteken, dan lag de weg naar de MAAS voor hen open. Toen de Duitsers de vlakte van de Famenne naderden gaf het geallieerde bevelhebber aan de 84ste Infantry het bevel om zich vanuit de omgeving van Aachen naar Marche-en-Famenne te haasten. In de loop van de avond van 20 december namen de eerste eenheden hun stellingen in langs de heuvelrug HOLLANGE – VERDENNE – MARENNE - MENIL. Hun opdracht was om tot elke prijs de oprukkende Duitse pantsers tegen te houden. Op hetzelfde ogenblik werd een wegblokkade aangelegd ter hoogte van HOLLANGE, op de weg van BASTOGNE naar NAMUR. Deze zou de 2de SS Panzer Division dwingen om haar traject te wijzigen.

Ondertussen was ook de 116de Panzer Division op weg naar MARCHE, via het dorp VERDENNE. Ze waren er niet in geslaagd om in HOTTON de OURTHE over te steken en hadden rechtsomkeer gemaakt, terug over LA ROCHE. Tegen de middag van 24 december hadden de Duitsers het dorp in handen. De Amerikanen zetten tijdens de kerstnacht de tegenaanval in en bezetten na verbeten strijd op hun beurt het dorp. Beide strijdende partijen zouden het nogmaals veroveren. VERDENNE werd definitief bevrijd op de avond van 26 december na bijzonder gewelddadige lijf aan lijfgevechten waarbij huis na huis veroverd werd. Slechts 600 man van de 116de Panzer Division zouden ontkomen uit de verzetshaard van VERDENNE.

Vanaf 3 januari 45 werden de eenheden van de 84ste Infantry afgelost door de 53ste Welsh Division. De Amerikanen namen nieuwe stellingen in tussen HOTTON en MANHAY en namen conform de geallieerde plannen deel aan het tegenoffensief.

22 december 1944
Op 22 december werden nog 2 onderdelen aan Britse troepen toegevoegd, 29ste Armoured Brigade en het Household Cavalry Regiment, eea om de bruggen bij GIVET, DINANT en NAMEN te beveiligen. Niet onbelangrijk: Het weer tijdens de drie eerste weken van december was bewolkt met veel regen en mist. Inzet van vliegtuigen was beperkt mogelijk. Tussen 22 en 26 december klaarde het weer op zodat geallieerde vliegtuigen konden worden ingezet voor dropping van voedsel en munitie, voor opsporing van vijandelijke troepen en voor het bombarderen van vijandelijke tankcolonnes. 28 December werd het weer aanmerkelijk slechter: wegen werden ijsvlaktes, helse sneeuwbuien beperkten het zicht aanmerkelijk en vormden metershoge sneeuwvlakten op heuvels en bergen. Verder was vliegverkeer praktisch onmogelijk.

23 december 1944
Het idee van de Duitse troepen om op een breed front de MAAS te passeren tussen DINANT en VISE werd aardig om zeep geholpen door geallieerde troepen: In het Noorden door troepen van US First Army bij BULLINGEN, MALMEDY, STAVELOT en VIELSALM. In het Zuiden door troepen van US Third Army bij FUHREN en BOULAIDE. In het Centrum door troepen van US 101 Airborne Division in BASTOGNE. Britse troepen lagen achter de MAAS bij elke mogelijk denkbare brug om een oversteek van vijandelijke Duitse troepen te verhinderen tussen GIVET in het Zuiden en LUIK in het Noorden. Op 23 december trokken de Duitsers ST.VITH binnen. Dit was zes dagen later dan gepland en opnieuw een belangrijke vertraging in hun voorziene Blitzkrieg. Gedurende de nacht werden een Amerikaanse Jeep met 3 als Amerikaanse militairen  verkleedde Duitsers bij de brug over de MAAS bij DINANT overmeesterd. Zij behoorden tot de gevreesde SKORZENY-brigade.

24 december 1944
Op deze 24ste december zou het aanvalsplan van de Duitse troepen radicaal veranderen: de troepen van de gevreesde Jochen Peiper werden bij WERBOMONT en LA GLEIZE in de pan gehakt en sloegen 800 van de oorspronkelijk 5000 man op de vlucht. Overgebleven troepen van de 6de Panzer Armee van Sep Dietrich werden samengevoegd met de troepen van de 5de Panzer Armee van Hasso von Manteuffel in het Centrum van de Ardennen. De luchtaanvallen op de Duitse stellingen werden echter intensiever. Op 24 december stelde Von Manteuffel aan Hitler’s ordonnansofficier voor de offensieven te staken wegens het gebrek aan manschappen en materieel waar het Duitse leger ondertussen mee kampte. Dit verzoek werd afgewezen. Daarom gingen het beleg van BASTONGE door. De speerpunt, die eerst in het Noorden lag, werd nu naar het Zuiden verlegd.  De Panzer Lehr Division had ST.HUBERT ingenomen en was onderweg naar GIVET. De 2de SS Panzer Division was onderweg naar DINANT. BASTOGNE (nog steeds verdedigd door de US 101 Airborne Division) werd belegerd door de 5de Fallschirmjäger Division en de Führer Begeleit Brigade met 50 tanks.

25 december 1944
Op 25 december werd de 71ste Infantry Brigade toegevoegd aan de Britse troepen ter versterking van de verdediging van de bruggen over de MAAS. Op de oostelijke oever van de MAAS werden verschillende Duitse tanks buiten gevecht gesteld en werden Duitse troepen gevangen genomen in FOY NOTRE DAME. Ook op eerste en tweede kerstdag bleven de Amerikaanse en Britse luchtmacht bij helder weer de Duitse stellingen en aanvoerwegen zwaar bestoken. Ook de infrastructuur in het Rijnland kreeg het zwaar te verduren. In de vroege morgen van 26 december probeerden de Duitsers een nog grotere druk uit te oefenen op de Amerikaanse troepen in BASTOGNE. De Amerikanen vochten verbeten terug en hielden stand. Intussen naderden uit het zuidwesten de tanks van Pattons 3de Leger steeds dichter de omsingelde stad. Om drie uur in de middag was de voorhoede BASTOGNE tot op acht kilometer genaderd. Pattons tanks begonnen juist het dorpje SIBRET aan te vallen toen zij honderden transportvliegtuigen over zagen vliegen op weg naar BASTOGNE. Dit gaf de troepen zoveel moed, dat zij besloten SIBRET te laten voor wat het was en rechtstreeks door te stoten naar BASTOGNE om daar de 101ste Airborne Division te ontzetten. Om tien voor vijf bereikten de eerste Amerikaanse tanks de linies. Het ontzet kwam geen dag te vroeg, want vooral voor de gewonden (burgers en militairen) in de noodhospitalen was de toestand onhoudbaar geworden. In een kerk lagen de gewonden in lange rijen op de vloer en zo dicht bijeen, dat ze nauwelijks bereikt konden worden door de hospitaalsoldaten en verpleegsters. De veteranen van de 101ste hebben echter nooit willen toegeven dat ze moesten worden ontzet.

26 december 1944
Troepen van de Britse 6th Landing Brigade kwamen de gelederen versterken bij DINANT.

27 december 1944
Tegen de avond van 27 december was de speerpunt van Von Manteuffels 5de Pantserleger vernietigd en trokken de andere divisies terug op Rochefort. Hiermee was voor de Duitsers de kans de Maas over te steken voorgoed verloren. Onderdelen van de 2de SS Panzer Division werden bij CELLES in de pan gehakt door troepen van de US 2nd Armored Division de 34ste Britse Tank Brigade. Tientallen tanks en minstens 400 manschappen werden uit de strijd genomen. Wat overbleef van de 2de SS Panzer Division werd verlegd naar ROCHEFORT. De 9de SS Panzer Division ”Hohenstauffen” dook voor de eerste keer op ten Zuidwesten van MARCHE en veroverde HUMAIN. In het Noorden was sprake van een patstelling. BASTOGNE lag nog steeds onder vuur van de Duitsers: In het Zuiden en Oosten door de 5de Fallschirmjäger Division en de 79ste Infanterie Division. In het Noorden en Westen door de 15e Panzer Grenadier Division en delen van de 9de SS Panzer Division ”Hohenstauffen”. Het werd duidelijk dat de Duitsers nu hun zinnen hadden gezet om de oversteek over de MAAS te maken via MARCH, HOTTON, EREZEE en GRANDMENIL. Hiervoor waren beschikbaar op de rechterflank: de 2de SS Panzer Division ”Das Reich”, de 9de SS Panzer Division ”Hohenstauffen”, de 12de SS Panzer Division ”Hitlerjugend”, 18de en 62ste Infanterie Division en op de linkerflank: 2de, 9de en 116de Panzer Division en 560ste Infanterie Division. De achterhoede werd gedekt door verschillende Grenadier Divisionen. Patrouilles van de 29ste British Armoured Division bereikten RECOGNE en ST.HUBERT zonder contact te maken met vijandelijke troepen.

28 december 1944
BASTOGNE werd inmiddels belegerd door naar schatting 8 Duitse divisies. De wegen rondom BASTOGNE zijn een ijspiste. Het totaal aantal actieve tanks in de ARDENNEN wordt geschat op 400 stuks. Duitse troepen uit de Noordelijke sector worden samengetrokken rond HOUFALIZE.

1 januari 1945
Het Duitse tegenoffensief De Blitzkrieg was mislukt. De haven van Antwerpen was niet veroverd en ook de vernietiging van de geallieerde troepen ten oosten van de Maas was op niets uitgelopen. Daarbij kwam dat het Duitse leger uitermate verzwakt was en dat de troepen aan het oostfront versterking nodig hadden, ten koste van de verdediging van de Ardennen. De raadgevingen van zijn topgeneraals negerend eiste Hitler dat de quasi verloren strijd zou worden voortgezet. In een ultieme poging om zijn doel te bereiken gaf hij de opdracht tot het uitvoeren van een laatste lucht- en grondoffensief: Unternehmen Bodenplatte in de lucht en Unternehmen Nordwind op de grond, die beide aanvingen op 1 januari 1945.

Het hoofddoel van het Britse leger was nog steeds: geen Duitse troepen over de MAAS. Het 3e Amerikaanse Leger van Patton had in de BASTOGE-area een gevoelige klap uitgedeeld aan de 5e Fallschirmjäger Division: 1200 gesneuvelde Duitsers en 1200 POW.

”Unternehmen Bodenplatte” was een grootscheeps luchtoffensief dat tot doel had de geallieerde luchtmacht op de grond te vernietigen in de Lage Landen. Hoewel Duitsland er in slaagde meer dan 400 toestellen te vernietigen, liep het zelf ook zware schade op. De Duitse vliegtuigen werden door zowel vijandelijke als bevriende luchtafweer beschoten. Dit was te wijten aan het feit dat de Duitse luchtafweer niet op de hoogte was van de geplande aanval. Hoewel de geallieerden numeriek meer schade leden van de aanval dan de Duitsers, herstelden zij er bijzonder snel van. De Duitse luchtmacht was echter ernstig verzwakt. ”Unternehmen Nordwind” was een grondaanval in de ELZAS door Heeresgruppe B die tot doel had dit gebied te heroveren, maar vooral een psychologisch effect moest teweegbrengen. Positief bij het Duitse volk, deprimerend bij de tegenstander. Volgens Hitler was dit echter ondergeschikt aan het belangrijkste punt: de eenvoudige vernietiging van de tegenstander. De aanval, die uiteindelijk 25 dagen zou duren, was gericht tegen het 7de leger, dat verzwakt was omdat het versterkingen had moeten leveren aan de noordelijke troepen in de Ardennen. De zeventien Duitse divisies die aan het offensief deelnamen slaagden er in het 7de leger te laten terugtrekken tot achter de rivier de MODER. Het offensief werd gestaakt op 25 januari, dezelfde dag als de in der haast aangevoerde geallieerde versterkingen in het gebied arriveerden.

Het geallieerde eindoffensief Eisenhower wilde dat Montgomery op nieuwjaarsdag in het offensief ging en een verbinding zou maken met de troepen van Patton. Tegelijkertijd zou hij de vechtende Duitse troepen tot staan kunnen brengen. Montgomery zag het echter niet zitten om onervaren infanterie door zware sneeuwstormen heen in te zetten voor een strategisch niet zo belangrijk doel. De Duitse troepen waren immers al gebroken. Hij stelde het offensief met twee dagen uit, gedurende de welke de Duitse troepen nog meer werden verzwakt. Op 3 januari begonnen de geallieerde legers naar elkaar toe te trekken. Door de hevige vrieskou vorderden ze echter moeizaam. Ze hadden veertig kilometer front tussen hen in liggen, maar vorderden slechts één kilometer per dag. Wel zagen ze de Duitse troepen langzaam maar zeker terugtrekken. Op 7 januari stemde Hitler er mee in om de Duitse troepen uit de Ardennen terug te trekken. Op 10 januari werd LA ROCHE bevrijd, St.HUBERT. volgde een dag later. Op 15 januari verliet Hitler het front en keerde hij terug naar Berlijn. Diezelfde dag ontmoetten de twee geallieerde legergroepen elkaar en was de slag om de Ardennen officieel voorbij.

18 januari 1945
Het Britse Leger trekt zich terug uit de ARDENNEN en neemt haar positie in BOXTEL wee in om een vervolg te geven aan de voorbereidingen van ”OPERATION VERITABLE” Hiermee komt er een einde aan de Britse inbreng de BATTLE of the BULGE.

Gevolgen De Duitse luchtmacht was volledig vernietigd. Het moreel van de Duitse troepen zat onder nul. Ze waren enorm verzwakt door de zware strijd en hadden geen reservetroepen meer. Door de strijd op twee fronten stond ook het oostfront op instorten. De geallieerden buitten hun overwinning uit met continue aanvallen op het westerse front. 5 maanden later capituleerde het Duitse leger.

De Verliezen ... Het offensief in de Ardennen in december en in de Elzas in januari betekenden het einde van Hitler's initiatieven op het westelijk front. Van nu af aan was het nog maar een kwestie van tijd voor de geallieerden door de Siegfried Linie braken en over de Rijn in Duitsland doorstootten. Het begin van het einde kwam in zicht. Ofschoon de geallieerden enkele benauwde ogenblikken beleefden, had geen enkele Duitse operatie zijn doel bereikt maar uiteindelijk een diepe bres geslagen in de uitgedunde Duitse reserves. Tegen het midden van januari 1945 waren de Ardennen virtueel schoongeveegd ten koste van zware verliezen aan beide kanten. Tweeëndertig Amerikaanse divisies, meer dan een half miljoen mannen hadden Heeresgruppe B tot staan gebracht en vervolgens teruggedrongen tot achter zijn startlijn. Maar tot welke prijs ? Meer dan 40.000 Amerikanen werden gedood of gewond en een zelfde aantal in de gevechten om de Ardennen te zuiveren. Zeventienduizend mannen werden gedood, vermist of gewond in de Elzas. De Duitse verliezen zijn nooit berekend. Schattingen spreken van 90.000 voor beide operaties maar zeker is dat de twee veldslagen een einde maakten aan de Duitse offensieve capaciteiten. De geallieerden waren door de ergste storm, die Hitler op hen kon loslaten, gesparteld en die overleefd. Nu zou het slechts een kwestie van tijd zijn voor Nazi Duitsland verslagen was.

De verliezen aan geallieerde zijde waren groot. Hoewel de Britten ook hebben meegestreden in de Slag om de Ardennen, was hun rol beperkt. Ze verloren 1.600 manschappen, waarvan 200 doden. De Amerikanen daarentegen moesten een hoge prijs betalen. Ze verloren 76.890 man.  Naast het grote verlies aan mensenlevens, werd bovendien ook een groot aantal tanks vernietigd. In de Ardennen werden 733 tanks door de Duitsers buiten gevecht gesteld. Daarnaast gingen er nog eens 529 vliegtuigen verloren. Voor de Duitsers was het verlies van dit gedurfde plan eveneens groot. In de Ardennen verloren de Duitsers 81.834 manschappen. Tevens was er een groot verlies aan materieel aan Duitse kant. In de Ardennen werden 324 tanks, 320 vliegtuigen en 6.000 voertuigen door de geallieerden onherstelbaar beschadigd.

 

 

BATTLE FACTS

•  The coldest, snowiest weather “in memory” in the Ardennes Forest on the German/Belgium border. the “Battle of the Bulge,” was the worst battles - in terms of losses -  to the American Forces in WWII. •  Over a million men were involved, 500,000 Germans, 600,000 Americans and 55,000 British.

•  3 German armies, 10 corps, the equivalent of 29 divisions.

•  3 American armies, 6 corps, the equivalent of 31 divisions.

•  The equivalent of 3 British divisions as well as contingents of Belgian, Canadian and French troops.

•  100,000 German casualties, killed, wounded or captured.

•   81,000 American casualties, including 23,554 captured and 19,000 killed.

•  1,400 British casualties  200 killed.

•   800 tanks lost on each side, 1,000 German aircraft.

•  The Malmedy Massacre, where 86 American soldiers were murdered, was the worst atrocity committed against American troops during the course of the war in Europe.

 


Onze partners




Meer links

Please download Flash Player 10 or higher to view this content.

400789 views Battletours, Ardennen offensief
cron